Adam

DE VERMELDE DATA GAAN, TENZIJ ANDERS VERMELD, UIT VAN DE
JOODSE KALENDER.
DE JOODSE JAARTELLING VANGT AAN MET DE SCHEPPING DER WERELD,
DIE DOOR RABBI HILLEL (4E EEUW NA.CHR) WERD GESTELD OP 3761
V.CHR.
Namen genoemd vanaf generatie XI tot XXI zijn veelal de volke-
ren welke afstammelingen van de genoemde persoon zijn.

De onder de ouder(s) genoemde kinderen zijn in enkele gevallen
klein- of achterkleinkinderen. Zij worden in de bijbel eerst
als kind genoemd, maar blijken bij nadere studie een klein- of
achterkleinkind te zijn. Het zijn in ieder geval afstammeling-
en van de genoemde ouder(s).

I.     ADAM, (de mens. In Hebreeuws ha adam).
geb. Hof van Eden. God schiep de mens naar Zijn beeld op de
6e dag. (Gen.1:27), overl. 930, tr. EVA, (leven.
In het Hebreeuws Chawwa). geb. Hof van Eden.
(Gen.1:27).
Kinderen:
1. KA‹N, volgt IIa.
2. ABEL, (in het Hebreeuws Habel = ademtocht,
nietigheid, ijdelheid). (Gen.4:2), schaapherder.
Abel werd door zijn broer Ka‹n vermoord.
3. SET, geb. 130, volgt IIb.

IIa.   KA‹N, (wordt in verband gebracht met verwerven).
(Gen.4:1), landbouwer,
Kind:
1. HENOCH, volgt IIIa.

IIb.   SET,(plaatsvervanger) geb. 130
(Gen.4:25)., overl. 1042,
Set is de plaatsvervanger van ABEL.
Kind:
1. ENOS, geb. 235, volgt IIIb.

IIIa.  HENOCH, (gewijd). (Gen.4:17).
Zijn vader noemde naar hem een stad.
Zijn vrouw moet een zuster van KA‹N zijn geweest. Er bestaat
een Joodse traditie dat zij AWAN heette.
Kind:
1. IRAD, volgt IVa.

IIIb.  ENOS, (sterfelijke). geb. 235 (Gen.4:26).
overl. 1140.
Kind:
1. KENAN, geb. 325, volgt IVb.

IVa.   IRAD, (snel). (Gen.4:18).
Kind:
1. MECHUJA‰L, volgt Va.

IVb.   KENAN, geb. 325 (Gen.5:9). overl. 1235.
Kind:
1. MAHALAL‰L, geb. 395, volgt Vb.

Va.    MECHUJA‰l
Kind:
1. METUSA‰L, volgt VIa.

Vb.    MAHALAL‰L, (lof Gods). geb. 395 (Gen.5:13), overl. 1290.
Kind:
1. JERED, geb. 460, volgt VIb.

VIa.   METUSA‰L, (man Gods). (Gen.4:18).
1. LAMECH, volgt VIIa.

VIb.   JERED, (afdalen). geb. 460 (Gen.5:15). overl. 1422.
Kind:
1. HENOCH, geb. 622, volgt VIIb.

VIIa.  LAMECH, (Gen.4:18-19).tr.(1) ADA.
Uit dit huwelijk:
1. JABAL, (stroom). (Gen.4:20). herder.
2. JUBAL, (geschal). (Gen.4:21). musicus.

LAMECH , tr.(2) SILLA.
Uit dit huwelijk:
1. TUBAL-KA‹N, (Gen.4:22). smid.
2. NA„MA, (liefelijk). (Gen.4:22).

VIIb.  HENOCH, (gewijd). geb. 622 (Gen.5:18). Hij is niet gestorven
maar door God opgenomen in het jaar 987.
Hij wandelde met God, en hij was niet meer.
(Gen.5:24).
Kind:
1. METUSALEH, geb. 687, volgt VIIIa.

VIIIa. METUSALEH, (waarschijnlijk: man van de speer). geb. 687
(Gen.5:21).
overl. 1656.
Hij bereikte de hoogste leeftijd die een mens ooit heeft
bereikt, 969 jaar. Van hem werd gezegd “In zijn stervensjaar
zal het gebeuren”.
Het jaar van zijn sterven (1656) was het jaar van de zond
vloed.
Kind:
1. LAMECH, geb. 874, volgt IXa.

IXa.   LAMECH, geb. 874 (Gen.5:25). overl. 1651.
Kind:
1. NOACH, geb. 1056, volgt Xa.

Xa.    NOACH, (rust). geb. 1056 (Gen.5:29), landman, overl. 2006.
kinderen:
Hij was de bouwer van de ark en overleefde met zijn gezin de
zondvloed welke de mensheid vernietigde in het jaar 1656.
1. SEM, geb. 1556, volgt XIa.
2. CHAM, geb. 1556, volgt XIb.
3. JAFET, geb. 1556, volgt XIc.

XIa.   SEM, (naam, roem). geb. 1556 (Gen.5:32). overl. 2158.
Kinderen:
Zijn nakomelingen zijn de Semitische volkeren.
1. ELAM, (hoog). (Gen.10:22).
Elamieten in het hoogland in het Noord-Oosten van Babylo
ni‰.
2. ASSUR, (vlakte of gelukkig). (Gen.10:22).
De meest Zuidelijke en oudste van de grote steden van het
Assyrische rijk.
3. ARPAKSAD, geb. 1658, volgt XIIa.
4. LUD, (Gen.10:22).
Mogelijk de stamvader van de Lydi‰rs van Klein-Azi‰
5. ARAM, volgt XIIb.

XIb.   CHAM, (heet). geb. 1556 (Gen.5:32).
(Nakomelingen van Cham worden vermeld in Gen.10:6-20).
Kinderen:
1. KUS, volgt XIIc.
2. MISRA‹M, volgt XIId.
3. PUT.
Stamvader van de Putieten.
4. KANA„N, volgt XIIe.

XIc.   JAFET, (uitbreiding). geb. 1556 (Gen.5:32).
(Nakomelingen van Jafet worden vermeld in Gen.10:2-4).
Kinderen:
1. GOMER, volgt XIIf.
2. MAGOG.
Mogelijk de stamvader van de Skythen.
3. MADAI. (de middelste)
De stamvader van de Meden in Noordwest Iran.
4. JAWAN, volgt XIIg.
5. TUBAL.
Zijn nakomelingen zijn de TibarŠnoi, ten zuidoosten van de
Zwarte Zee.
6. MESEK. (bezit).
Zijn nakomelingen bewoonden het landschap Moeski aan de
zuidoostkust van de Zwarte Zee.
7. TIRAS.
Zijn nakomelingen bewoonden de westkust van Klein-Azi‰. (De
bevolking bestond uit zeerovers).

XIIa.  ARPAKSAD, geb. 1658 (Gen.10:22). overl. 2096.
Volgens sommigen is hij de stamvader van de Babyloni‰rs.
Kind:
1. SELACH, geb. 1693, volgt XIIIa.
(volgens Lucas (Luc.3:36) hoort er tussen ARPAKSAD en
SELACH nog een persoon met de naam KENAN)
XIIb.  ARAM, (hoog?). (Gen.10:22).
Stamvader van de Aramee‰rs.
Kinderen:
1. US. (Gen.10:23).
Zijn nakomelingen woonden mogelijk ten zuiden van de Dode-
zee.
2. CHUL. (kring). (Gen.10:23).
Zijn nakomelingen woonden mogelijk in de omgeving van het
HulŠh-meer (Noord-Isra‰l).
3. GETER. (Gen.10:23).
Zijn nakomelingen woonden mogelijk tussen Basan en de
Hermon.
4. MAS. (Gen.10:23).
Zijn nakomelingen bewoonden mogelijk het bergland van
Libanon.

XIIc.  KUS. (zwart).
Mogelijk de stamvader van de Etheopi‰rs.
Kinderen:
1. SEBA. (eed, of: zeven).
Mogelijk stamvader van de Lybi‰rs.
2. CHAWILA. (zandig land).
Moet gezocht worden in Arabi‰.
3. SABTA. (verzadigd).
Mogelijk Sabbatha, hoofdstad van Hadramaut (Zuid-Arabi‰).
4. RAMA, volgt XIIIb.
5. SABTEKA. (ik ben verzadigd)
Mogelijk bewoonden zijn nakomelingen Samydake, een stad
aan de oost oever van de Perzische-Golf.
6. NIMROD.
Hij was de eerste machthebber en een geweldig jager. Het
begin van zijn koninkrijk was Babel, Ezek Aklad en Kalme in
het land Simear.
uit dit land trok hij naar Assur en bouwde Ninev‚, Recobot-
Ir, Kalach en Resen tussen Ninev‚ en Kalach.

XIId.  MISRAIM.
Stamvader van de Egyptenaren.
Kinderen:
1. LUDIETEN.
Woonden mogelijk in Noord-Mesopotami‰.
2. ANAMIETEN.
Mogelijk bewoners van een oase ten Westen van Egypte.
3. LEHABIETEN.
De Lybi‰rs.
4. NAFTUCHIETEN.
Bewoners van de Nijl-delta.
5. PATRSIETEN.
Bewoners van Opper-Egypte.
6. KASLUCHIETEN.
Hier zijn de Filistijnen uit voortgekomen en later de
Palestijnen.
7. KAFTORIETEN.
Bevolking van Kreta.

XIIe.  KANA„N.
(nakomelingen van Kana„n worden vermeld in Gen.10:15-18)
Kinderen:
Onderstaand volgen de volken welke uit Kana„n zijn voortge
komen.
1. SIDON.
Oudste stedelijke nederzetting van de Kana„nieten.
2. CHET.
Volk der Hethieten.
3. JEBUSIETEN.
Woonden te Jerusalem voor de verovering van koning David.
4. AMORIETEN.
Woonden in het Oost-Jordaanse land.
5. GIRGASIETEN.
Onbekende stam die tot het volk der Kana„nieten behoorde.
6. CHIWWIETEN.
Woonden te Sichem en Gibeon.
7. ARKIETEN.
Bewoners van Arka het latere Tell Arka ten noorden van
Tripolis.
8. SINIETEN.
Bewoners van Sinna bij Arka.
9. ARWADIETEN.
Bewoners van Arvad.
10. SEMARIETEN.
Bewoners van een plaats nabij Tripolis.
11. HAMATIETEN.
Bewoners van Hamath in Syri‰.

XIIf.  GOMER. (voleinding)
(Nakomelingen van Gomer worden vermeld in Gen.10:3)
Uit hem zijn mogelijk voortgekomen de Gimmirai aan de
noordkust  van de Zwarte Zee.
Kinderen:
1. ASKENAZ.
Mogelijk woonden zijn afstammelingen te Armeni‰.
2. RIFA.
Mogelijk Patagoni‰ aan de Zwarte Zee.
3. TOGARMA.
Mogelijk woonden zij te Tegarama. Deze naam werd gevonden
in  Hethietische kleitabletten.

XIIg.  JAWAN.
(Nakomelingen van Jawan worden vermeld in Gen.10:4).
Uit hem zijn voortgekomen de Grieken.
Kinderen:
1. ELISA.
Mogelijk Cypres.
2. TARSIS.
Tartessus uiterste Westen van Spanje.
3. KITTI‰RS.
Mogelijk Cypres of de Grieken.
4. DODANIETEN.
Mogelijk Rhodos of bewoners rond de streek van de Dardanel
len.
(Van de KITTIERS en de DADANIETEN wordt ook vermeld:
Naar dezen zijn de kustlanden der volkeren in hun landen
verdeeld, elke naar zijn taal, naar hun geslachten onder
hun volken.

XIIIa. SELACH, (worp, zending). geb. 1693 (Gen.10:24). overl.2126.
Kind:
1. EBER, geb. 1723, volgt XIVa.

XIIIb. RAMA. (donder). (Gen.10:7)
Nakomelingen worden eveneens vermeld in Gen.10:7.
Mogelijk de Ramaieten in ZW Arabi‰.
Kinderen:
1. SEBA. (eed, of: zeven).
Uit Seba zijn verschillende Arabische stammen voortgekomen.
2. DEDAN.
Volk in Arabi‰. De Dedanieten waren een belangrijk handels
volk.

XIVa.  EBER, (overzijde). geb. 1723 (Gen.10:24). overl.2187.
Uit hem zijn de Hebree‰n voortgekomen.
Kinderen:
1. PELEG, geb. 1757, volgt XVa.
2. JOKTAN, volgt XVb.

XVa.   PELEG, (verdeling). geb. 1757, (Gen.10:25) overl. 1996.
Zijn naam wordt in verband gebracht met het feit,
dat in zijn dagen de aarde verdeeld werd. (De verstrooiing
van de mensheid door de Babylonische spraakverwarring).
Kinderen:
1. REU, geb. 1787, volgt XVIa.

XVb.   JOKTAN, (gering). (Gen.10:25).
Uit hem zijn de Zuid Arabische stammen voortgekomen.
Kinderen:
1. ALMODAD. (uitbreiding). (Gen.10:26).
2. SELEF. (uittrekken [van het zwaard]). (Gen.10:26).
3. CHASARMAWET. (oord des doods). (Gen.10:26).
4. JERACH. (nieuwe maan). (Gen.10:26)
5. HADORAM. (verheven). (Gen.10:26).
6. UZAL.(Gen.10:26).
7. DIKLA. (palmboom). (Gen.10:26).
8. OBAL. (kaal?). (Gen.10:26).
9. ABIMAEL. (God is mijn vader). (Gen.10:26).
10. SEBA. (eed, of: zeven). (Gen.10:26).
11. OFIR. (stof). (Gen.10:26-).
Het goudland.
12. CHAWILA. (zandig land). (Gen.10:26-).
13. JOBAB. (jubel). (Gen.10:26-).

XVIa.  REU, (vriend, of verkorte vorm van Reel)
geb. 1787, (Gen.11:18) overl. 2026.
Kind:
1. SERUG, geb. 1819,  volgt XVIIa.

XVIIa. SERUG, (wijnstok). geb. 1819 (Gen.11:20)., overl. 2049.
Mogelijk een stam in Noord-Syri‰
Kind:
1. NACHOR, geb. 1849, volgt XVIIIa.

XVIIIa.NACHOR, (snuivend). geb. 1849 (Gen.11:22). overl. 1997.
Kind:
1. TERACH, geb. 1878, volgt XIXa.

XIXa.  TERACH, (steenbok). geb. 1878 (Gen.11:24)., overl. 2083 te Haran.
Kinderen:
Terach vertrok met zijn zoon Abram, zijn kleinzoon Lot en
Sara‹ uit Ur der Chaldee‰n Zuid-Babyloni‰ om naar Kana„n te
gaan.
Zij kwamen te Haran in Noordwest-Mesopotami‰ aan en bleven
daar enige tijd wonen.
1. ABRAM (ABRAHAM)], geb. 1948, volgt XXa.
2. NACHOR, geb. 1948, volgt XXb.
3. HARAN, geb. 1948, volgt XXc.

XXa.   ABRAM (ABRAHAM), (vader is verheven  of vader ener menigte)
geb. 1948 (Gen.11:26) overl.2123.
Begraven in de Spelonk van Makpela in het veld van Efron
tegenover Mamre.
Op 75-jarige leeftijd vertrok Abram uit Haran naar het land
Kana„n. Hij vestigde zich daar bij Sichem.
Hij vertrok met de volgende van God gekregen beloften:
1. Ik zal U tot een groot volk maken;
2. ik zal U zegenen;
3. ik zal Uw naam groot maken;
4. gij zult tot een zegen zijn;
5. ik zal zegenen wie U zegenen;
6. wie U vervloekt zal ik vervloeken;
7. en met U zullen alle geslachten des aardbodems gezegend
worden.
Toen Abram 99 jaar oud was veranderde God zijn naam in
ABRAHAM, hetgeen betekend: VADER VAN VELE VOLKEN.

tr.(1) SARAI (SARA).
Uit dit huwelijk:
1. ISA„K, geb. 2048, volgt XXIa.

ABRAM (ABRAHAM) , tr.(2) HAGAR.
Uit dit huwelijk:
1. ISMA‰L, geb. 2034, volgt XXIb.

ABRAM (ABRAHAM) , tr.(3) KETURA.
(Nakomelingen uit dit huwelijk worden vermeld in
Gen.25:1-4).
Uit dit huwelijk:
1. ZIMRAN. (beroemd).
Mogelijk de stamvader van de de bevolking van Zimri.
2. JOKSAN, volgt XXIc.
3. MEDAN. (strijd).
4. MIDJAN, volgt XXId.
5. JISBAK. (verlatend).
Stamvader van een Arabisch volk.
6. SUACH. (diepte).
Nakomelingen vestigden zich ten Westen van de Eufraat.

XXb.   NACHOR, (snuivend). geb. 1948, (Gen.11:26) tr.(1) MILKA.
Uit dit huwelijk:
1. US. (Gen.22:21).
Nakomelingen woonden waarschijnlijk ten Zuiden van de Dode-
zee.
2. BUZ. (verachting).  Gen.22:21).
Afstammelingen vormden een Noord-arabische stam, de Buzie
ten.
3. KEMU‰L, volgt XXIe.
4. KESED. (gunst). (Gen.22:22).
Mogelijk de stamvader der Chaldee‰n.
5. CHAZO. (visioen). (Gen.22:22).
Zijn nakomelingen woonden in een streek in de omgeving van
Hauran.
6. PILDAS. (Gen.22:22).
7. JIDLAF. (hij weent). (Gen.22:22).
8. BETU‰L, volgt XXIf.

NACHOR , tr.(2) REUMA. (Zij was een bijvrouw).
Uit dit huwelijk:
1. TEBACH. (slachter). (Gen.22:24).
Zijn nakomelingen woonden in het Aramese Zoba.
2. GACHAM. (brandend). (Gen.22:24).
3. TACHAS. (zeekoe). (Gen.22:24).
4. MA„KA. (onderdrukking). (Gen.22:24).

XXc.   HARAN, (bergachtig). geb. 1948. (Gen.11:26).
Overleden in Ur der Chaldee‰n.
Kind:
1. LOT, volgt XXIg.

XXIa.  ISA„K, (hij lacht). geb. 2048 (Gen.21:2).
overl.2288. Hij wordt begraven te Hebron.
tr. REBEKKA. (mogelijk: verbinding, band) (Gen.22:23),
dr. van BETHU‰L (een Aramee‰r uit Paddan-Aram).
Na de dood van zijn vader schonk God zijn zegen aan Isaak.
Van Isaak wordt gezegd dat hij de brug is tussen zijn vader
(Abraham) en zijn zoon (Jacob). De beloften werden gegeven
aan Abraham en Jacob werd de stamvader van de 12 stammen
van  Isra‰l.
Uit dit huwelijk:
1. ESAU, volgt XXIIa.
2. JAKOB Zijn naam wordt later gewijzigd in ISRA‰L. (Gen.35:10).
volgt XXIIb.

XXIb.  ISMA‰L, (hij strijdt met God). geb. 2034 (Gen.16:15).
Nakomelingen van Isma‰l worden vermeld in Gen.25:12-18.

Kinderen:
1. NEBAJOT.
Een Noord-Arabische nomadenstam. Men neemt aan dat daar de
latere  Nabatee‰rs uit zijn voortgekomen.
2. KEDAR. (donker of machtig).
Nomadenvolk in de Syrisch-Arabische woestijn. De Kedarie
ten.
3. ABDEEL. (dienaar Gods).
4. MIBSAM. (aangename reuk).
Stamvader van een stam met de naam Mibsam.
5. MISMA. (dat, waarvan men hoort).
Ook zijn nakomelingen vormden een Arabische volksstam.
6. DUMA. (stilzwijgen).
Stad in het bergland van Juda.
7. MASSA. (last).
Zijn nakomelingen vormden een Arabische stam die door
Assyrische inscripties worden genoemd. Samen met de nakome
lingen van Nebajot en Tema.
8. HADAR.
9. TEMA. (verbazing, of woestijn).
Zie 7. Massa.
10. JETUR. (tentenkamp).
Zijn nakomelingen zijn de Ituree‰rs, een woest bedoe‹nen
volk.
11. NAFIS. (verkwikking).
Van hem stammen mogelijk de Nefussim af.
12. KEDEMA. (oosten).
Zijn nakomelingen vormden een arabische stam.

XXIc.  JOKSAN. (vogelaar)
Voorvader van enige Arabische stammen.
Kinderen:
1. SEBA.
Uit hem zijn verschillende Arabische stammen voortgekomen.
2. DEDAN, volgt XXIIc.

XXId.  MIDJAN. (gericht of strijd)
Midjanieten, ten Oosten van de Golf van Akaba.
Kinderen:
1. EFA. (duisternis)
Stamvader van een Midjanitische stam.
2. EFER. (gazelle)
3. CHANOK.
Zijn nakomelingen zijn de Chanokieten.
4. ABIDA. (vader weet)
5. ELDA„. (God heeft geroepen)

XXIe.  KEMU‰L. (God houdt stand) (Gen.22:21).
Stamvader der Syri‰rs.
kind:
1. ARAM. (hoog?)

XXIf.  BETU‰L. (man Gods) (Gen.22:22).
Ten Noord-Oosten van Bers‚ba.
Kinderen:
1. LABAN. (wit)
2. REBEKKA, volgt XXIId.

XXIg.  LOT. (sluier)
Kinderen:
1. DOCHTER VAN LOT, volgt XXIIe.
2. DOCHTER VAN LOT, volgt XXIIf.

XXIIa. ESAU. (waarsch.: ruw, behaard)
geb.2168. (Gen.25:25), tr.(1) huwelijk in 2208.
(Gen.26:34). JUHUDIT (d.v.Hethiet BE‰RI).
Nakomelingen van Esau worden vermeld in Gen.36:4-13.

ESAU, tr.(2) BASEMAT (d.v. Hethiet ELON).
ESAU, tr.(3) ADA (d.v.Hethiet ELON).
Uit dit huwelijk:
1. ELIFAZ, volgt XXIIIa.

ESAU, tr.(4) OHOLIBAMA (d.v. ANA).
Uit dit huwelijk:
1. JES. (hij komt te hulp)
Een der vorsten van Edom.
2. JALAM. (verborgen)
3. KORACH.
Ook zijn nakomelingen vormen later een Edomitische stam.

ESAU , tr.(5) BASEMAT (d.v. ISMAEL).
Uit dit huwelijk:
1. REEL, volgt XXIIIb.

XXIIb. JAKOB. (hij houdt de hiel vast, of: hij bedriegt).
Zijn naam wordt later gewijzigd in ISRA‰L. (hij strijdt met
God, of: God strijdt) (Gen.35:10).
Geboren in 2168. (Gen.25:26). overl. in 2315. Hij wordt
begraven in het veld van Makpela, tegenover Mamre in
Kana„n.
De nakomelingen van Jacob worden vermeld in Gen.29 en 30).
Zij vormden later de 12 stammen van Isra‰l.
tr. (1) (Gen.29:23) LEA.
Uit dit huwelijk:
1. RUBEN, volgt XXIIIc.
2. SIMEON, volgt XXIIId.
3. LEVI, volgt XXIIIe.
4. JUDA, volgt XXIIIf.
5. ISSAKAR, volgt XXIIIg.
6. ZEBULON, volgt XXIIIh.
7. DINA. (oordeel of veroordeeld)

JAKOB, tr.(2) (Gen.29:28). RACHEL. Zij werd begraven aan de
weg naar Efrat (Bethlehem). (Gen.35:19).
Uit dit huwelijk:
1. JOZEF, volgt XXIIIi.
2. BENJAMIN, volgt XXIIIj.

JAKOB, tr.(3) BILHA.
Uit dit huwelijk:
1. DAN, volgt XXIIIk.
2. NAFTALI, volgt XXIIIl.

JAKOB, tr.(4) ZILPA.
Uit dit huwelijk:
1. GAD, volgt XXIIIm.
2. ASER, volgt XXIIIn.

In Kana„n heerste hongersnood. Om die reden vertrekt JAKOB
met zijn zonen naar Egypte, waar zijn zoon JOZEF onder-
koning geworden was. In Egypte neemt de familie zeer sterk
toe. Vooral het nage slacht  van JUDA (XXIIIf) vermeerderd
zich sterk.
Bij een eerste volkstelling worden er 74.600 personen
geteld.
Bij een tweede volkstelling worden er 76.500 nakomelingen
van JUDA geteld.
De nakomelingen van Jacob hebben 430 jaar in Egypte ge
woond.

XXIIc. DEDAN.
Volk in Noord-Arabi‰.
Kinderen:
1. ASSURIETEN.
Woonden in Noord-West Arabi‰.
2. LETUSIETEN.
Ook een Arabische volksstam.
3. LEUMIETEN.
Idem als 2. (1-3 zijn gevonden in Nabatese en Sabese
geschriften).

XXIId. REBEKKA, (mogelijk: verbinding, band) (Gen.22:23), tr. ISAAK,
geb. 2048 (Gen.21:2).
overl.2288., zn. van ABRAM (ABRAHAM) en SARAI (SARA).
zie XXIa.

XXIIe. DOCHTER VAN LOT (Gen.19:30).
Kind:
1. MOAB.
Hij is de stamvader van de Moabieten.

XXIIf. DOCHTER VAN LOT (Gen.19:30).
Kind:
1. BEN-AMMI.
Stamvader van de Ammonieten, gelegen ten Noordoosten van de

Dode Zee tussen de Arnon en Jabbok. De naam leeft voort in
het huidige Ammƒn (Jordani‰).

XXIIIa.ELIFAZ. (God is als fijn goud) (Gen.36:4)
Stamvader van enige Edomitische volksgroepen.
Zijn nakomelingen worden vermeld in: Gen.36:16.
zij waren allen stamhoofd.
Kinderen:
1. TEMAN. (rechts, d.i. het zuiden)
2. OMAR. (welbespraakt)
3. SEFO.
4. GATAM. (nietig)
5. KENAZ.
(1-5 zie opmerking onder hun vader).

ELIFAZ, tr.(2) TIMNA (bijvrouw).
Uit dit huwelijk:
1. AMALEK.

XXIIIb.REEL. (vriend van God) (Gen.36:4)
Kinderen:
Waren allen Edomitische stamhoofden.
1. NACHAT. (rust)
2. ZERACH. (lichtglans)
3. SAMMA. ([voorwerp van] ontzetting)
4. MIZZA. (angst?)

XXIIIc.RUBEN. (ziet, een zoon)
Nakomelingen van Ruben worden vermeld in Gen.46:9.
Stamvader van gelijknamige stam.
Kinderen:
1. CHANOK. (gewijd)
Zijn nakomelingen zijn de Chanokieten.
2. PALLU, volgt XXIVa.
3. CHESRON. (omsloten)
Zijn nakomelingen zijn de Chesronieten.
4. KARMI. (wijnbouwer)

XXIIId.SIMEON. (verhoring)
Nakomelingen van Simeon worden vermeld in Gen.46:10.
Stamvader van gelijknamige stam.
Kinderen:
1. JEMU‰L. (dag van God)
In Numeri en in Kronieken wordt hij Nemu‰l genoemd.
2. JAMIN. (rechterhand of geluk)
Zijn nakomelingen zijn de Jaminieten. (Num.26).
3. OHAD. (krachtig)
4. JAKIN. (hij stelt vast)
Zijn nakomelingen vormen het geslacht der Jakinieten.
In Kron.4 heet hij Jarib.
5. SOCHAR. (of JESOCHAR) (geelachtig rood)
6. SAUL. (gevraagde, afgebedene)
De Saulieten stammen van hem af. (Num.26)

XXIIIe.LEVI. (mogelijk: de zich hechtende) Stierf 137 jaar oud in
Egypte.
Nakomelingen van Levi worden vermeld in Gen.46:11.
Stamvader van de priesters en Levieten.
Kinderen:
1. GERSON, volgt XXIVb.
2. KEHAT, volgt XXIVc.
3. MERARI, volgt XXIVd.

XXIIIf.JUDA, (mogelijk: lof, prijs; of Hij [nl. de Here] zal geprezen
worden)
tr. een dochter van SUA een Kana„nitische.
Nakomelingen van Juda worden vermeld in Gen.38:3-5.
Uit hem kwam de stam JUDA voort. Aan deze naam is de naam
“Joden” ontleend.
Uit dit huwelijk:
1. ER, (wachtende) tr. TAMAR.
2. ONAN. (krachtig)
3. SELA. (bede)
Uit hem zijn de Selanieten voortgekomen, later genoemd
Silonieten.

JUDA en zijn schoondochter TAMAR. (zie Gen.38).
Kinderen:
1. PERES, volgt XXIVe.
2. ZERACH, volgt XXIVf.

XXIIIg.ISSAKAR. (waarschijnlijk: er is loon) Stamvader van de gelijkna
mige stam.
Nakomelingen van Issakar worden vermeld in Gen.46:13.
Stamvader van gelijknamige stam.
Kinderen:
1. TOLA. (worm)
Zijn nakomelingen zijn de Toal‹eten.
2. PUWWA. (of PUA)
Zijn nakomelingen zijn de Punieten.
3. JOB. (of JASUP) (hij keert zich om) In Kron. heet hij Jasib.
Zijn nakomelingen zijn de Jasubieten.
4. SIMRON. (waakzaam)
Zijn nakomelingen zijn de Simronieten.

XXIIIh.ZEBULON. (woning)
Nakomelingen van Zebulon worden vermeld in Gen.46:14.
Stamvader van gelijknamige stam.
Kinderen:
1. SERED. (ontkomen)
Zijn nakomelingen zijn de Sardieten.
2. ELON.
Zijn nakomelingen zijn de Elonieten.
3. JACHLE‰L. (wachten op God)
Zijn nakomelingen zijn de Jachlelieten.

XXIIIi.JOZEF. (Hij [d.i.Jahwe] voege erbij).
Jozef overleed op 110 jarige leeftijd te Egypte
(Gen.50.26)., tr. ASNAT (dochter van POTIFERA).
Nakomelingen van Jozef worden vermeld in Gen.46:20.
Stamvader van gelijknamige stam.
Uit dit huwelijk:
1. MANASSE, volgt XXIVg.
2. EFRA‹M, volgt XXIVh.

XXIIIj.BENJAMIN.(zoon der rechterhand, gelukskind)
Zijn moeder stierf bij zijn geboorte. Zij noemde hem
BEN-ONI (zoon van mijn ongeluk)
Nakomelingen van Benjamin worden vermeld in Gen.46:21.
Stamvader van gelijknamige stam.
Kinderen: (het is niet geheel duidelijk of dit kinderen, klein
kindern of afstammelingen zijn. Muppim en Chuppim is bijv. op
zich zelf al een meervoudsvorm).
1. BELA, volgt XXIVi.
2. BEKER. (jonge kameel)
3. ASBEL.
Zijn nakomelingen zijn de Asbelieten.
4. GERA. (gast)
5. NA„MAN. (liefelijkheid)
Zijn nakomelingen zijn de Na„mieten.
6. ECHI.
7. ROS. (hoofd, overste). Stierf mogelijk kinderloos.
8. MUPPIM. (In Num. Sefufam)
9. CHUPPIM.
10. ARD. (gebocheld)
11. ACHIRAM. (broeder is verheven)
Zijn nakomelingen zijn de Achiramieten.

XXIIIk.DAN. (hij heeft recht verschaft)
Stamvader van gelijknamige stam.
Kinderen:
1. CHUSIM (Gen.46:23)..

XXIIIl.NAFTALI.
Nakomelingen van Naftali worden vermeld in Gen.46:24.
Stamvader van gelijknamige stam.
Kinderen:
1. JACHSE‰L. (God deelt toe)
Zijn nakomelingen zijn de Jachse‰lieten.
2. GUNI. (geverfd)
Zijn nakomelingen zijn de Gunieten.
3. JESER. (rechtschapenheid)
4. SILLEM. (vergelding)
Zijn nakomelingen zijn de Sillemieten.

XXIIIm.GAD.
Nakomelingen van Gad worden vermeld in Gen.46:16.
Stamvader van gelijknamige stam.
Kinderen:
1. SIFJON. (of SEFON) (verwachting)
Zijn nakomelingen zijn de Sefonieten.
2. CHAGGI. (op een feestdag geboren)
Zijn nakomelingen zijn de Chaggieten.
3. SUNI. (rustig)
Zijn nakomelingen zijn de Sunieten.
4. ESBON. (snel van begrip) Later wordt hij Ozni genoemd.
5. ERI. (wakend)
Zijn nakomelingen zijn de Erieten.
6. ARODI. (of AROD) gebocheld.
Zijn nakomelingen zijn de Arodieten.
7. AR‚LI. (mogelijk heldenzoon)
Zijn nakomelingen zijn de Ar‚lieten

XXIIIn.ASER. (gelukkig)
Nakomelingen van Aser worden vermeld in Gen.46:17.
Stamvader van gelijknamige stam.
Kinderen:
1. JIMNA. (moge [God] verdedigen)
2. JISWA. (rustig) Stierf vermoedelijk kinderloos.
3. JISWI. (rustig)
Zijn nakomelingen zijn de Jiswieten.
4. BERIA, volgt XXIVj.
5. SERACH. (bevrijding, uitbreiding).
Zij is een dochter en in Num. heet zij Sarach en is zij
geslachtshoofd.

XXIVa. PALLU. (uitmuntend)
Nakomelingen worden vermeld in Num.26:8-9.
Zijn nakomelingen zijn de Pallu‹ieten.
Kind:
1. ELIAB, volgt XXVa.

XXIVb. GERSON. (verbanning)
Nakomelingen van Gerson worden genoemd in Ex.6:16.
Zijn nakomelingen zijn de Gersonieten.
Kinderen:
1. LIBNI. (wit)
Zijn nakomelingen zijn het Levietengeslacht der Libnieten.
2. SIMI. afkorting van Semaja (gehoord heeft de Here)
Zijn nakomelingen zijn de Simieten.

XXIVc. KEHAT. Hij werd 130 jaar oud.
Nakomelingen van Kehat worden vermeld in Ex.6:17.
Zijn nakomelingen zijn de Kehatieten.
Kinderen:
1. AMRAM, volgt XXVb.
2. JISHAR, volgt XXVc.
3. CHEBRON. (verbinding)
Zijn nakomelingen zijn de Chebronieten.
4. UZZI‰L, volgt XXVd.

XXIVd. MERARI. (bitter)
Nakomelingen van Merari worden vermeld in Ex.6:18.
Zijn nakomelingen zijn de Meranieten.
Kinderen:
1. MACHLI. (ziekelijk)
Zijn nakomelingen zijn de Machlieten.
2. MUSI. (terugwijkend)
Zijn nakomelingen zijn de Musieten.

XXIVe. PERES. (breuk)
Kinderen:
1. CHESRON, volgt XXVe.
2. CHAMUL. (getroost)

XXIVf. ZERACH. (lichtglans)
Nakomelingen van Zerach worden vermeld in 1Kron.2:6.
Zijn nakomelingen zijn de Zarchieten.
Kinderen:
1. ZIMRI, volgt XXVf.
2. ETAN, volgt XXVg.
3. HEMAN. (trouw)
4. KALKOL. (onderhoud?)
5. DERA. later genoemd DARDA (parel der wijsheid)

XXIVg. MANASSE. (doende vergeten)
Nakomelingen van Manasse worden vermeld in Num.26:29.
Kind:
1. MAKIR, volgt XXVh.

XXIVh. EFRA‹M. (de naam hangt samen met farah  = vruchtbaar zijn)
Nakomelingen van Efraim worden genoemd in Gen.46:20.
Kinderen:
1. SUTELACH, volgt XXVi.
2. BEKER. (jonge kameel)
3. TACHAN. (pleisterplaats, of genade)
Zijn nakomelingen zijn de Tachanieten.

XXIVi. BELA. (ondergang)
Nakomelingen van Bela worden vermeld in Num.26:40.
Zijn nakomelingen zijn de Balieten.
Kinderen:
1. ARD. (gebocheld)
Zijn nakomelingen zijn de Ardieten.
2. NA„MAN. (liefelijkheid)
Zijn nakomelingen zijn de Na„mieten.

XXIVj. BERI„. (voortreffelijk)
Nakomelingen van Beria worden vermeld in Gen.46:17.
Zijn nakomelingen zijn de Beri‹eten.
Kinderen:
1. CHEBER. (gemeenschap)
Zijn nakomelingen zijn de Cheberieten.
2. MALKI‰L. (koning is God)
Zijn nakomelingen zijn de Malki‰lieten.

XXVa.  ELIAB. (mijn God is vader)
Nakomelingen van Eliab worden vermeld in Num.26:9.
Kindern:
1. NEMUEL.
2. DATAN. (sterk?)
3. ABIRAM. (vader is verheven)

XXVb.  AMRAM, (het volk is verheven). Hij werd 137 jaar. tr. JOKEBED.
(zijn tante)
Nakomelingen van Amram worden vermeld in Num.26:59.
Uit dit huwelijk:
1. MIRJAM, (mogelijk de weerspannige). Profetes.
Bij de uittocht van het volk was zij (naast haar beide
broers) een leidende figuur.
Zij stierf te Kades en werd daar begraven.
2. A„RON, volgt XXVIa.
3. MOZES, volgt XXVIb.

XXVc.  JISHAR. (glanzend)
Nakomelingen van Jishar worden vermeld in Ex.6:20.
Zijn nakomelingen zijn de Jisharieten.
Kinderen:
1. KORACH, volgt XXVIc.
2. NEFEG. (spruit)
3. ZIKRI. (mijn gedachtenis)

XXVd.  UZZI‰L. (sterkte is God)
Nakomelingen van Uzziel worden vermeld in Ex.6:21.
Zijn nakomelingen zijn de Uzzi‰llieten.
Kinderen:
1. MISA‰L. (wie is als God?)
2. ELSAFAN. (verkorte vorm van ELIS FAN = God heeft verborgen)
Stamhoofd der Kehatieten.
3. SITRI. (mijn bescherming is God)

XXVe.  CHESRON, (omsloten) overl. Kaleb-Efrata, tr. ABIA.
Zijn nakomelingen vormen het Judese geslacht der
Chesronieten.
Kind:
1. RAM, volgt XXVId.

XXVf.  ZIMRI. (mijn lied)
Nakomelingen van Zimri worden vermeld in Joz.7:1.
Kind:
1. KARMI, volgt XXVIe.

XXVg.  ETAN.
Hij is de dichter van Psalm 89 (waarschijnlijk alleen
de verzen 2-38).
Kind:
1. AZARJA. (de Here heeft geholpen)

XXVh.  MAKIR. (verkocht)
Nakomelingen van Makir worden vermeld in Num.26:29.
Kind:
1. GILEAD, volgt XXVIf.

XXVi.  SUTELACH. (pootplant)
Zijn nakomelingen zijn de Sutalachieten.
Kind:
1. ERAN (Num.26:36).

XXVIa. A„RON, (mogelijk ark naar het Hebreeuwse woord ar“n.
Het is echter meer waarschijnlijk dat de naam van Egypti
sche herkomst is)
geb. omstreeks 1528 v.Chr. tr. ELIS‚BA, dr. van
Ammin dab (XXVIIa).
Met zijn broer MOZES leidt hij het volk Isra‰l uit Egypte.
Met zijn drie zonen werd hij tot priester gewijd.
Nakomelingen van A„ron worden vermeld in Ex.6:22.
Uit dit huwelijk:
1. NADAB. (vrijgevig)
2. AB¡HU. (vader is hij)
3. ELE ZAR. (God heeft geholpen. De Griekse vorm is Lazarus)
4. ITAMAR. (land der palmen)

XXVIb. MOZES, (Egyptische naam. In het Hebreeuws luidt de naam
M”sjŠ = trekken) geb. omstreeks 1525 v.Chr. tr.(1) SIPPORA.
dr. van Midjanitische priester Jetro).
Mozes werd door God geroepen om het volk Isra‰l uit Egypte,

naar het beloofde land te leiden. Overleden op 120 jarige
leeftijd op de berg Nebo, in het zicht van Isra‰l.
Nakomelingen van Mozes worden vermeld in Ex.2:22 en
Ex.18:4.
Uit dit huwelijk:
1. GERSOM. (vreemdeling daar)
2. ELI‰ZER. (mijn God is hulp)

MOZES , tr.(2) Ethiopische vrouw.

XXVIc. KORACH.
Nakomelingen van Korach worden vermeld in Ex.6:23.
Kinderen:
1. ASSIR. (gevangene)
2. ELK NA. (God heeft geschapen)
3. ABIASAF. (mijn vader heeft bijeengebracht)

XXVId. RAM. (verheven)
Kind:
1. AMMIN DAB, volgt XXVIIa.

XXVIe. KARMI. (wijnbouwer)
Kind:
1. AKAR. of ACHAN.

XXVIf. GILEAD.
Nakomelingen van Gilead worden vermeld in Num.26:30-32.
Kinderen:
1. I‰ZER. (of ABI‰ZER) (vader is hulp)
Zijn nakomelingen zijn de I‰zrieten.
2. CHELEK. (aandeel)
Zijn nakomelingen zijn de Chelekieten.
3. ASRI‰L. (strijdend is God, of: een voorwerp van jubelende
vreugde is God)
Zijn nakomelingen zijn de Asri‰lieten.
4. SEKEM. (schouder)
Zijn nakomelingen zijn de Sekemieten.
5. SEMIDA. (zijn faam is bekend)
Zijn nakomelingen zijn de Semida‹eten.
6. CHEFER, volgt XXVIIb.

XXVIIa.AMMIN DAB. (mijn verwant is vrijgevig)
Tussen Amminadab en zijn bovengenoemde vader hoort volgens
Lucas
ADMIN (Luc.3).
Kind:
1. NACHSON, volgt XXVIIIa.
2. ELIS‚BA, (God is eed) tr. A„ron (XXVIa)

XXVIIb.CHEFER. (groeve)
Nakomelingen van Chefer worden vermeld in Num.26:33.
Kind:
1. SELOFCHAD, volgt XXVIIIb.

XXVIIIa.NACHSON. (tovenaar, of slang)
Kind:
1. SALMA, volgt XXIXa.

XXVIIIb.SELOFCHAD. (schaduw [bescherming] voor vrees)
Selofchad wordt niet in het geslachtsregister van Lucas
vermeld.
Zijn nakomelingen worden vermeld in Num.26:33.
Kinderen: (dochters)
1. MACHLA. (ziekte of liefelijkheid)
2. NOA. (beweging)
3. CHOGLA. (patrijs)
4. MILKA. (raad)
5. TIRSA. (welgevallen)

XXIXa. SALMA. (kleed of vonk)
Kind:
1. BOAZ, volgt XXXa.

XXXa.  BOAZ. (in hem is sterkte) tr. RUTH een Moabitische.
Kind:
1. OBED, volgt XXXIa.

XXXIa. OBED. (dienaar)
Kind:
1. ISA‹, volgt XXXIIa.

XXXIIa.ISA‹. (Hij is de here)
Isai had 8 zonen, waarvan David de jongste was.
Kind:
1. DAVID, volgt XXXIIIa.

XXXIIIa.DAVID, (beminde)
David was de tweede koning van Isra‰l.
Hij regeerde van 1012-972 v.Chr.
Het voor en nageslacht van Koning David wordt o.a. vermeld
in de volgende bijbelgedeelten: Ruth.4; 1Kron.2,3,8;
2Kron.8,11,12,14,26;
Mattheus 1; Lucas 3.

NU VOLGT HET GESLACHTSREGISTER ZOALS VERMELD IN MATTHEUS,
EN DAARNA ZOALS VERMELD IN LUCAS.

Kind: (verwekt bij de vrouw van URIA).
1. SALOMO, volgt XXXIVa.

XXXIVa.SALOMO. (rijk aan vrede, of: rijk aan heil)
Salomo was de derde koning van Isra‰l en regeerde van
972-932 v.Chr.
Kind: (van zijn vrouw: NA„MA)
1. REHABEAM, volgt XXXVa.

XXXVa. REHABEAM. of RECHABEAM (uitgebreid is het volk)
Koning van Juda vanaf 932 tot 915 v.chr.
Kind:
1. ABIA, volgt XXXVIa.

XXXVIa.ABIA. (vader is de Here)
Ook wordt hij ABIAM genoemd.
Was koning van Juda. Hij regeerde slechts 3 jaar.
Vanaf 915 tot 912 v.Chr.
Kind:
1. ASA, volgt XXXVIIa.

XXXVIIa.ASA. (arts)
Regeerde als koning over Juda vanaf 912 tot 871 v.Chr.
Kind: (van zijn vrouw AZUBA)
1. JOSAFAT, volgt XXXVIIIa.

XXXVIIIa.JOSAFAT. (de Here richt)
Regeerde als koning over Juda vanaf 871 tot 849 v.Chr.
Kind:
1. JORAM, volgt XXXIXa.

XXXIXa.JORAM. (de Here is verheven)
Koning van Juda vanaf 849 tot 842 v.Chr.
Van 854-849 was hij mederegent.
Kind: (van zijn vrouw ATALJA)
1. ACHAZJA, volgt XLa.

(Nrs XLa t/m XLIIIa worden niet in het register van Mat
theus vermeld)

XLa.   ACHAZJA. (de Here houdt vast)
Koning van Juda en regeerde slechts een jaar 842 v.Chr.
Kind: (van zijn vrouw SIBJA)
1. JOAS, volgt XLIa.

XLIa.  JOAS. (de Here heeft gegeven)
Hij was koning over Juda vanaf 836 tot 797 v.Chr.
Hij was 7 jaar oud toen hij de troon besteeg.
Kind: (van zijn vrouw JEHOADDAN)
1. AMASJA, volgt XLIIa.

XLIIa. AMASJA. (de Here is sterk)
Hij was koning over Juda en regeerde vanaf 797 tot 769
v.Chr.
Kind:
1. AZARJA, volgt XLIIIa.

XLIIIa.AZARJA. (de Here heeft geholpen)
Hij was koning over Juda en regeerde vanaf 788 tot 737
v.Chr.
In de jaren 788-769 regeerde hij gelijktijdig met zijn
vader.

XLIVa. UZZIA. (sterkte is de Here)
De hier genoemde UZZIA is de zelfde persoon als AZARJA
(XLIIIa)
Kind: (van zijn vrouw JERUSA)
1. JOTAM, volgt XLVa.

XLVa.  JOTAM. (de Here is volmaakt)
Was koning over Juda. Hij regeerde vanaf 737 tot 734 v.Chr.
Hij was regent vanaf 750 tot 737 v.Chr. (i.v.m. melaatsheid
van zijn vader).
Kind:
1. ACHAZ, volgt XLVIa.

XLVIa. ACHAZ. (hij houdt vast)
Was koning over Juda. Hij regeerde vanaf 734 tot 727 v.Chr.
Kind:
1. HIZKIA, volgt XLVIIa.

XLVIIa.HIZKIA. (Jahwe is sterkte, of: Jahwe sterkt)
Was koning over Juda en regeerde vanaf 727 tot 696 v.Chr.
Kind:
1. MANASSE, volgt XLVIIIa.

XLVIIIa.MANASSE. (doende vergeten)
Was koning over Juda en regeerde vanaf 696 tot 642 v.Chr.
(I.v.m. enige onduidelijkheden in de regeringsperiode,
evenals die van zijn vader, zijn de juiste perioden
niet met alle zekerheid vast te stellen.
Kind: (van zijn vrouw MESULL‚MET)
1. AMON, volgt XLIXa.

XLIXa. AMON. (betrouwbaar)
Was koning over Juda en regeerde vanaf 641 tot 639 v.Chr.
Hij werd op 24-jarige leeftijd het slachtoffer van een
samenzwering.
Kind: (van zijn vrouw JEDIDA)
1. JOSIA, volgt La.

La.    JOSIA. (de Here schraagt)
Werd op 8-jarige leeftijd koning over Juda. Hij regeerde
vanaf 639 tot 608 v.Chr. Hij sneuvelde in de strijd bij
Meggido.
Kind:
1. JECHONIA of JOJAKIN, volgt LIa.
Althans zo wordt het vermeld in het geslachtsregister van
Mattheus. JOJAKIN, echter is een zoon van JOJAKIM.
JOSIA (La) werd opgevolgd door JOACHAZ. JOACHAZ werd
werd gevangen genomen en naar Egypte gevoerd. Zijn broer
ELJAKIM, wiens naam werd veranderd in JOJAMIM werd opvolger
van JOACHAZ en regeerde van 608 tot 597 v. Chr.
Zijn zoon JOJAKIN of JECHONIA volgde hem op.

LIa.   JECHONIA, of JOJAKIN. (de Here bevestigd)
Was slechts 3 maanden en 10 dagen koning over Juda.
Hij werd in 597 v. Chr. met een groot deel van het volk
naar Babel weggevoerd.
Kind:
1. SEALTHI‰L, volgt LIIa.
Althans, zo wordt vermeld in het geslachtsregister van
Mattheus. SEALTHIEL, echter is een zoon van ASSIR en
ASSIR is een zoon van JOJAKIN (LIa.)

LIIa.  SEALTHI‰L, (ik heb God gevraagd)
Kind:
1. ZERUBABEL, volgt LIIIa.

LIIIa. ZERUBABEL, (zaad van Babel)
Hij was Perzich stadhouder over de in Juda teruggekeerde
ballingen.
De Joden waren eerder door koning Nebukadnessar van Babel
in ballingschap genomen.
De eersten werden weggevoerd in 597 v.Chr.(zie boven).
Later werden groepen weggevoerd in 586 v.Chr. en in 581
v.Chr.
Het volk kwam weer terug in het jaar 538 v.Chr.
Kind:
1. ABIHUD, volgt LIVa.

LIVa.  ABIHUD, (vader is majesteit)
Uit de stam Benjamin. Zijn hierboven genoemde vader
ZERUBABEL is mogelijk zijn groot- over overgrootvader.
Ook voor de hierna genoemde personen geldt dat het
genoemde kind, een klein- of achterkleinkind kan zijn.
Kind:
1. ELJAKIM, volgt LVa.

LVa.   ELJAKIM, (God zal bevestigen)
Zie opmerking bij LIVa.
Kind:
1. AZOR, volgt LVIa.

LVIa.  AZOR,
Zie opmerking bij LIVa.
Kind:
1. ZADOK, of SADOK, volgt LVIIa.

LVIIa. ZADOK, of SADOK (rechtvaardig)
Zie opmerking bij LIVa.
Kind:
1. ACHIM, volgt LVIIIa.

LVIIIa.ACHIM, (hij richt op)
Zie opmerking bij LIVa.
Kind:
ELIUD, volgt LIXa.

LIXa.   ELIUD, (God is majesteit)
Zie opmerking bij LIVa.
Kind:
1. ELE ZAR, volgt LXa.

LXa.    ELE ZAR, (God heeft geholpen)
Zie opmerking bij LIVa.
Kind:
1. MATTAN, volgt LXIa.

LXIa.   MATTAN, (gave [Gods])
Zie opmerking bij LIVa.
kind:
1. JAKOB, volgt LXIIa.

LXIIa.  JAKOB,
Zie opmerking bij LIVa.
Kind:
1. JOZEF, volgt LXIIIa.

LXIIIa. JOZEF, (Hij [d.i. Jahwe] voege erbij), timmerman,
tr. MARIA, (de Hebreeuwse vorm = MIRJAM).

LXIVa.  JEZUS CHRISTUS.

In Mattheus wordt Jacob als vader van Jozef genoemd (zie boven).
In Lucas wordt Eli als vader van Jozef genoemd.
Deze moeilijkheid is op te lossen door de veronderstelling van
zgn zwagerhuwelijken naar Deut.25:25v.
Naast deze zijn er vele andere oplossingen geweest.
De beste en meest aanvaardde oplossing is echter er van uit te gaan dat:
het geslachtsregister van Mattheus het voorgeslacht van Jozef is
en het register vermeld in Lucas, het voorgeslacht van Maria weergeeft.

Onderstaand volgt het geslachtsregister, vanaf DAVID (XXXIIIa)
zoals in Lucas vermeld.

XXXIII  DAVID
XXXIV   NATAN
XXXV    MATTATA
XXXVI   MENNA
XXXVII  MELLA
XXXVIII ELJAKIM
XXXIX   JONAN
XL      JOSEF
XLI     JUDA
XLII    SIMEON
XLIII   LEVI
XLIV    MATTAT
XLV     JORIM
XLVI    ELI‰ZER
XLII    JOZUA
XLVIII  ER
XLIX    ELMADON
L       KOSAM
LI      ADDI
LII     MELCHI
LIII    NERI
LIV     SELTI‰L
LV      ZERUBBABEL
LVI     RESA
LVII    JOANAN
LVIII   JODA
LVIX    JOSEK
LX      SEMEIM
LXI     MATTATIAS
LXII    MA„T
LXIII   NAGGAI
LXIV    HESLI
LXV     NAIIM
LXVI    AMOS                               ÉÍÍÍÍÍÍÍÍÍÍÍÍÍÍÍÍÍÍÍÍÍÍÍÍ»
LXVII   MATTATIAS                          ºIJmuiden, april 1992.   º
LXVIII  JOZEF                              ºAuke SIETSMA,           º
LXIX    JANNAI                             ºReigersbossenlaan 61,   º
LXX     MELCHI                             º1974 XV IJMUIDEN.       º
LXXI    LEVI                               ºtel. 02550-18647        º
LXXII   MATTAT                             ÈÍÍÍÍÍÍÍÍÍÍÍÍÍÍÍÍÍÍÍÍÍÍÍÍŒ

LXXIII  ELI
LXXIV   JOZEF
LXXV    JEZUS CHRISTUS

2 comments

    1. Met de juiste informatie kan ik wel wat vooronderzoek doen, ik heb dan wel wat doopnamen en eventueel data van grootouders nodig, u kunt deze aanleveren per email aan colani@live.nl met als onderwerp: onderzoek de Jongh / Snijders Oosterhout.

Leave a Reply

Het e-mailadres wordt niet gepubliceerd. Vereiste velden zijn gemarkeerd met *